17 juli 2007 t/m 27 april 2008

Têtes Fleuries

Het portret in de collectie van de Triton Foundation

Persbeeld tentoonstelling Têtes Fleuries

Têtes Fleuries

In Têtes Fleuries, de nieuwe tentoonstelling in de Triton-reeks, staat het portret centraal. Met onder meer werken van Picasso, Daumier, Van Dongen, Appel, Westerik en Auerbach wordt een overzicht geschetst van de ontwikkeling van de portretkunst vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw. In deze presentatie is bijzondere aandacht voor het werk van Picasso: zijn activiteiten op het gebied van het portret markeren een revolutie in het genre en de portretkunst is door zijn toedoen fundamenteel veranderd. De op de tentoonstelling aanwezige werken zijn afkomstig uit de collectie van de Triton Foundation, gecombineerd met zelden getoonde stukken uit de verzameling van het Gemeentemuseum Den Haag.

Portretkunst

Het portret is traditioneel één van de belangrijkste onderwerpen binnen de schilderkunst. In de ontwikkeling van dit genre komt steeds sterker de nadruk te liggen op niet alleen de weergave van iemands direct waarneembare kenmerken, maar juist van de eigenschappen die daarachter schuil gaan. Sinds de komst van de fotografie neemt de afbeeldende functie van het genre langzaam maar zeker af en zijn kunstenaars zich in hun portretten meer en meer gaan richten op expressie en experiment, op een nieuwe manier om persoonlijkheden weer te geven. Het portret hoeft immers niet meer vooral een verbeelding van de waargenomen werkelijkheid te zijn, maar kan ook een verbeelding van een mogelijke werkelijkheid zijn, zoals Tête de Scapin van Honoré Daumier. In dit werk geeft Daumier zijn verhulde commentaar op de overheidscensuur die hij als schilder ondergaat.
Op die manier verworden portretten tot dragers van verschillende betekenissen: van hetgeen de schilder voelde bij de persoon die hij afbeeldde, van een poging om toegang te krijgen tot de ziel van de geportretteerde of juist het portret als masker. Wat portretten van alle tijden verbindt, is de zoektocht naar waarheidsduiding, door middel van een getrouwe weergave van iemand of juist door het allegorische karakter van een portret. In deze tentoonstelling wordt de ‘ontploffing’ van het genre in de twintigste eeuw duidelijk gemaakt.

Pablo Picasso

Iemand die als geen ander de expressieve en manipulatieve mogelijkheden van het genre verkende en beheerste, was Pablo Picasso. In zijn lange carrière heeft hij de meest uiteenlopende portretten geschilderd, waarbij zijn ontwikkeling liep van realistische schilderijen tot de geabstraheerde vrouw in Figure Noire (Portrait de Françoise). In navolging van Picasso ontwikkelden kunstenaars als Appel en Auerbach het manipulatieve karakter van een portret nog verder. Het portret werd een allegorie, een verbeelding van een voorstelbare werkelijkheid. Het maken van een dergelijk beeld heeft voor hen in toenemende mate een spiegelende, identificerende werking, waarvan de betekenis overdrachtelijk kan worden: Asger Jorn kruipt in de huid van zijn geliefde Mati, Frank Auerbach drukt in het warme en intieme Hoofd van Julia de hervonden liefde voor zijn vrouw uit en Emo Verkerk verwerkte in zijn portretten van Paul Strand ook elementen waardoor het evengoed zelfportretten zijn.

In deze expositie in het Tritonkabinet is bijzondere aandacht voor de portretten van Pablo Picasso. Aan deze grote Spaanse kunstenaar wijdt het Gemeentemuseum Den Haag een overzichtstentoonstelling die vanaf 15 december 2007 is te zien.

De Triton Foundation is een privé-verzameling die topstukken omvat uit de periode 1860 - 1970 en in menig opzicht aansluit bij die van het Gemeentemuseum.
Bij deze tentoonstelling verschijnt bij Waanders Uitgevers het vijfde Triton Cahier in de serie (€ 9,95).

Tickets kopen