Accessoires

Geen mode zonder accessoires. Waaiers waren in de 18de en 19de eeuw erg belangrijk. Je had de brisé-waaier met een gevouwen blad en de waaier met een glad scherm. Met een waaier gaven vrouwen elkaar signalen: ‘nee’, ‘volg me’ – de waaiertaal.

In de 19de eeuw groeit de handel in luxeartikelen: een keur aan kousen, tasjes, sjaals, handschoenen en later ook hoeden en coiffures, linten, strikken, zakhorloges, overspoelt de markt. Voor mensen die zich geen kostbare juwelen kunnen veroorloven komen er bijous van moderne materialen: vroege kunststoffen, git of bakeliet. Andere populaire kleinoden waren de toneelkijker en de modieuze wandelstok voor mannen. Bij vrouwen waren kostbare kasjmier sjaals geliefd. Aanvankelijk kwamen deze uit India, maar ze werden al snel door de Europese markt gekopieerd en bleven tot zeker in de jaren 1860 een belangrijk mode-item.

In de 20ste eeuw kon je je onderscheiden met de hoed. Rond 1910 waren de vrouwenhoeden reusachtig. Met de komst van de open auto kwamen er nieuwe problemen die om een modieuze oplossing vroegen. Hoedensjaals hielden de hoed tijdens een autoritje op zijn plaats, en stofbrillen beschermden de ogen van de dames. In de jaren ’20 kwamen er steeds meer handtasjes op de markt, vaak voorzien van make-upspiegeltjes. Toen de auto in de jaren ’50 en ’60 echt gangbaar werd, zag je minder hoeden en wandelstokken, want waar laat je je accessoires?

Kousen van kunstzijde waren een zegen voor de dames vanaf de jaren ’20; in de jaren ’60 volgde de panty met broekje, wat handig was met de minimode. Aan het eind van de 20ste eeuw hebben schoenen en handtassen de aanvankelijke populariteit van de hoed ruimschoots ingehaald. Vooral de tas groeide uit tot een ongekend belangrijk modeaccessoire, waarbij designer-exemplaren tegenwoordig zelfs als een ‘belegging’ worden beschouwd.

Bekijk alles onder Accessoires