Kubisme - werk uit de collectie van de Triton Foundation

Images for this exhibition

  • Fernand Léger, Le quatorze juillet (De veertiende juli), ca. 1912-1913, olieverf op doek, 61 x 46 cm, collectie Triton Foundation.

Afgelopen op 18-02-2007

Het beeld van het kubisme zoals we dat nu hebben verschilt zeer van het beeld dat het publiek in Parijs rond 1910 had, toen vooral Henri le Fauconnier als voorman van deze stroming werd beschouwd. Nu wordt Picasso, samen met Braque en Gris, als de belangrijkste kubist gezien. Deze vierde presentatie, die het museum samen met de Triton Foundation realiseert, toont de verschillende vormen die het kubisme gekend heeft, met werk van onder meer Picasso, Braque, Gris, Le Fauconnier, Boccioni, Delaunay, De la Fresnaye, Léger, Kupka, Metzinger, Mondriaan, Valmier en Severini.

Dit jaar is het honderd jaar geleden dat Picasso begon aan Les Demoiselles d’Avignon, een mijlpaal in de 20ste eeuwse kunst en de aanzet tot de ontwikkeling van het kubisme. Er zouden zich twee jaar later in het Parijs van rond 1909 twee groepen kubisten vormen: de groep met Picasso, Braque en later Gris, die voornamelijk in galeries exposeerde, met name in die van Daniel-Henry Kahnweiler.En dan was er de groep die op de grote Salons in Parijs exposeerde, de zogenaamde Salonkubisten. Omdat alleen de Salonkubisten, waaronder Henri Le Fauconnier, Gleizes, en Jean Metzinger, regelmatig exposeerden, werden zij aanvankelijk het publieke gezicht van de kubistische beweging.

Vormvernieuwing

Volgens een kunsthistorische benadering die de nadruk legt op de vormvernieuwing keerden de kubisten terug naar de basis van de schilderkunst omdat ze vonden dat de traditionele schilderkunst uitgeput was. Ze namen de elementen die samen de taal van de schilderkunst vormen – vorm, ruimte, kleur en techniek – en vervingen het traditionele gebruik van elk van deze elementen door een nieuwe interpretatie ervan. Kort gezegd was het kubisme volgens deze visie een totaal nieuwe schilderkunstige taal, een totaal nieuwe manier om naar de buitenwereld te kijken. Een belangrijk kenmerk van het kubisme komt voort uit het loslaten van het centraal perspectief zoals dat eeuwenlang door kunstenaars was toegepast. Als een kunstenaar een onderwerp volledig wilde bevatten dan moest hij een onderwerp tegelijkertijd vanuit verschillende gezichtspunten laten zien.
Picasso en Braque verwerkten in de ontwikkeling van hun kubisme twee grote invloeden: de krachtige vormen en vervaging van voor- en achtergrond van Cézanne en de primitivistische Afrikaanse, Oceanische en Iberische beeldhouwkunst. Kunstenaars als Le Fauconnier, Gleizes en Metzinger echter verbonden het vervaardigen van kubistische schilderijen ook met filosofische, wetenschappelijke en literaire theorieën; een fenomeen waar Picasso zijn afschuw over uitsprak. Met name Henri Bergsons filosofie over het belang van intuïtie en ideeën over de vierde dimensie van De Pawlowski waren voor de Salonkubisten essentieel.

Publicatie

In de tentoonstelling en de begeleidende publicatie komen de opvattingen van de verschillende groepen kubisten uitgebreid aan de orde. Bij elke presentatie van de Triton Foundation, een privé-verzameling die topstukken omvat van de belangrijkste kunstenaars uit de periode 1860–1970 en in menig opzicht aansluit bij die van het Gemeentemuseum, verschijnt bij Waanders Uitgevers een Triton Cahier (€ 9,95 per deel, 4 delen voor € 29,95).