Hans Bellmer - Louise Bourgeois Double Sexus

Images for this exhibition

  • Louise Bourgeois, Fragile Goddess, 2002, Privatsammlung, Courtesy Barbara Gross Galerie, München

Afgelopen op 16-01-2011

Hoewel Hans Bellmer (1902-1975) en Louise Bourgeois (1911 – 2010) in de jaren dertig beide in aanraking komen met de Surrealisten, hebben ze elkaar nooit ontmoet. Toch heeft hun werk, waarin het menselijke lichaam een belangrijke rol speelt, opvallende overeenkomsten.

Lichamen zijn vervormd, ledematen missen of worden juist verdubbeld en mannelijke en vrouwelijke kenmerken smelten samen tot androgyne wezens. In Double Sexus gaat het werk van Bellmer en Bourgeois voor de eerste keer een spannende dialoog aan. Gemeenschappelijke thema’s als vrouwelijke fantasieën, mannelijke angsten, dubbelzinnigheid van geslacht en de zoektocht naar de eigen identiteit sluiten goed aan bij de actualiteit. Door de emancipatie staat de traditionele rol van zowel de man als de vrouw op losse schroeven. In een randprogramma van lezingen en debatten bij de tentoonstelling zal deze maatschappelijke relevantie uitgebreid aan bod komen.

Louise Bourgeois, de ‘grand dame’ van de moderne kunst, beleefde pas op zeer hoge leeftijd haar artistieke doorbraak. Pas op haar eenenzeventigste kreeg ze een grote overzichtstentoonstelling in het Museum of Modern Art in New York. Nadat ook Tate Modern en het Centre Pompidou een grote tentoonstelling aan haar werk wijdden, wordt ze gerekend tot een van de belangrijkste kunstenaars ter wereld. Haar werk past in de traditie van het surrealisme, maar omdat ze put uit haar eigen (jeugd)ervaringen en niet zozeer uit de bij de surrealisten zo populaire Freudiaanse theorieën, bezit haar werk een universele herkenbaarheid. Bourgeois zoekt in haar Cells, sculpturen (waaronder verschillende stoffen poppen), tekeningen en beroemde Spinnen naar een uitdrukkingsvorm voor de zielenpijn die menselijke relaties veroorzaken. Louise Bourgeois overleed op 29 mei jongstleden en was nauw betrokken bij de voorbereidingen van deze tentoonstelling.

Hans Bellmer reisde in 1922 van zijn geboorteplaats Katowice in Polen naar Berlijn. In eerste instantie om daar te studeren, maar al snel lonkte het kunstenaarschap en stopte hij met zijn studie. Op zijn dertigste maakte hij zijn eerste pop, gemaakt van bezemstelen, buizen, gips en papier-maché, die hij op allerlei manieren fotografeerde. De Surrealisten in Parijs waren direct enthousiast over zijn foto’s en publiceerden ze in hun tijdschrift Minotaure. In 1935 maakte Bellmer een tweede pop, nu met kogelgewrichten, waardoor de lichaamsdelen op heel veel verschillende manieren aan elkaar kunnen worden gezet. De ensceneringen waren nu een stuk dramatischer, ze suggereren perverse seksuele spelletjes, maar zijn op hun eigen manier ook verleidelijk. De foto’s vormen een schrille tegenstelling met het vrouwelijke ideaalbeeld dat door de Nazi propaganda uit die tijd zo verheerlijkt werd: een gezond, sterk en vruchtbaar lichaam. Bellmers creatie was een protest tegen het Nationaal-Socialistische regime waar zijn eigen vader een geestdriftig aanhanger van was.  

Deze tentoonstelling van internationaal statuur is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met de Nationalgalerie Berlin – Sammlung Scharf-Gerstenberg – Staatliche Museen zu Berlin. In het Gemeentemuseum Den Haag zal de expositie worden uitgebreid met een groot aantal bruiklenen uit particulier bezit en uit de Louise Bourgeois Studio. Ook zal er gedurende de tentoonstelling een van Bourgeois’ beroemde spinnen in de museumvijver prijken.  

In aanvulling op de tentoonstelling biedt het Gemeentemuseum een scala aan activiteiten aan, zoals lezingen, rondleidingen en een cursus over de rol van de vrouw in de kunst in samenwerking met docenten van de Universiteit Leiden en Universiteit van Amsterdam.

Hans Bellmer – Louise Bourgeois Double Sexus is mede mogelijk gemaakt door de financiële bijdragen van de Turing Foundation en de Mondriaan Stichting. Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde catalogus met bijdragen van onder anderen Elfriede Jelinek en Henry Miller (Ludion, € 34,95 in de museumwinkel, € 39,95 in de boekhandel).