Grafsculpturen uit het oude China

Images for this exhibition


Afgelopen op 03-04-2005

Grafsculpturen uit het oude China geeft een beeld van de rijk keramische geschiedenis van China ten tijde van de Han- en de Tangdynastie (206 v. Chr.- 906 n. Chr.). Aan de hand van de collecties van het Groninger Museum, Museum het Princessehof in Leeuwarden, het Rijksmuseum en uiteraard het Gemeentemuseum zelf, worden de giften getoond die in het oude China aan de veelal welgestelde overledenen werden meegegeven op hun reis na de dood. Deze giften bestonden niet alleen uit huisraad en levensmiddelen, maar ook uit keramische mens- en dierfiguren als dienaren en huisdieren.

Als een van de eerste musea in Nederland heeft het Gemeentemuseum zich vanaf het begin van de twintigste eeuw toegelegd op het verzamelen van grafkeramiek, een tot de verbeelding sprekende traditie die tot op de dag van vandaag wordt voortgezet. De gewoonte om in het graf van de overledene allerlei zaken mee te geven die hij of zij ook bij leven nodig had, voert terug naar de dodencultus van het streng feodale China. Toen was het namelijk gebruikelijk dat bij het overlijden van een belangrijk persoon zijn hele huishouding, inclusief zijn hiertoe gedode echtgenote, personeel en huisdieren, in zijn graf werd `bijgezet’. Deze barbaarse gewoonte maakte rond 500 voor Christus plaats voor het meegeven van beeltenissen van de huishouding, die eerst in hout en later in beschilderd aardewerk werden uitgevoerd. Als stille getuigen van deze grafrituelen resten ons tegenwoordig talrijke graffiguren als ambtenaren, dienaren, danseressen, muzikanten en vele soorten huisdieren als paarden, kamelen, varkens en honden.

Het spreekt voor zich dat de status van de overledene was af te lezen aan de omvang van de inventaris van zijn graf. Een voorbeeld van de circa vijftig stukken grafkeramiek die op de tentoonstelling zijn te zien, is het hier afgebeelde stel kamelen dat enige jaren geleden door het Gemeentemuseum werd aangekocht. De elegante dieren van koud beschilderd aardewerk zijn gemaakt in de periode van de Tangdynastie (618-907). Resten van deze koude beschildering zijn te zien op de zakken en de achterpoten.