Aaron van Erp

Images for this exhibition

  • Aaron van Erp, De kleutertemmer, 2006, Olieverf op doek, 190 x 160, Particuliere collectie

Afgelopen op 03-02-2008

Eerste museale solotentoonstelling

“Om gruwelijke dingen kun je vaak ook lachen” Met deze opmerking kenmerkt Aaron van Erp (1978) zijn schilderijen die met hun vaak brute onderwerpen dankzij de bizarre titels toch een lach oproepen. Aaron van Erp heeft sinds zijn afstuderen in 2001 aan de Academie voor Kunst en Vormgeving in ’s-Hertogenbosch een bloeiende carrière. Nationaal en internationaal zijn zijn schilderijen met hun vervreemdende voorstellingen opgenomen in verschillende verzamelingen, waaronder de  toonaangevende Saatchi collectie. Aaron van Erp opent zijn eerste museale solotentoonstelling in het Gemeentemuseum Den Haag met een overzicht van schilderijen en tekeningen die hij maakte vanaf zijn Academietijd tot nu, waarbij de nadruk ligt op zijn meest recente werk.

Potjes pindakaas

Van Erp gebruikt in zijn schilderijen vaak herkenbare objecten uit de wereld om ons heen: winkelwagentjes, gehaktballen, potjes pindakaas, Edahtassen en wasmachines. Hij plaatst deze in kale woestijnachtige landschappen of grote lege binnenruimtes. Zijn kleurige voorstellingen verwijzen soms naar bekende schilderijen uit het verleden (De Gehaktballeneters, 2000) of roepen associaties op met maatschappelijke thema’s als terrorisme, problemen in de gezondheidszorg of kindermishandeling. Het schilderij De Kleutertemmer (2006) bijvoorbeeld, waarin een schimachtige figuur de orde handhaaft met een zweep, doet meteen denken aan kindermishandeling. Maar het werk is, ondanks de sadistische ondertoon, door de manier van schilderen ook humoristisch. De groene laarzen van de temmer, de titel, het kleurgebruik en de absurdistische omgeving relativeren de heftigheid van de voorstelling.

Thematiek

Ook de thematiek van slachtoffer versus dader speelt een belangrijke rol in Van Erps schilderijen. In het werk Medisch Personeel op de Gehaktballenplantage (2005/06) is dit goed te zien: in eerste instantie ziet de toeschouwer twee figuren van het rode kruis bezig met een slachtoffer. Bij nader inzien blijken ze bezig het slachtoffer uiteen te rijten en maken ze gehaktballen van het vlees die ze in kale bomen spiesen. Grenzen tussen goed en kwaad vervagen, waardoor redders tegelijkertijd ook daders kunnen zijn en andersom.

Inspiratie

Naast inspiratie uit het dagelijks leven, zijn ook invloeden uit het werk van kunstenaars als James Ensor en Francis Bacon te herkennen. Dit is terug te zien in amorfe figuren, de kleurstelling, een surreële sfeer en de fragmentarische manier waarop Van Erp zijn figuren schildert. Zijn maatschappelijke en politieke betrokkenheid tonen verwantschap met het werk van Francisco Goya waarin ook hij opkomt tegen geweld, onvrijheid van denken en het lijden van de mens.

Aaron van Erp maakte in 2006 deel uit van twee grote museale exposities. Jan Hoet selecteerde zijn werk voor de internationale groepstentoonstelling Sieben auf einen Streich in het nieuwe Marta Herford Museum. Tevens was Van Erp een van de drie Nederlandse schilders in de tentoonstelling Nederland – Duitsland in het GEM, museum voor actuele kunst in Den Haag. Hier was zijn werk in een ruimte te zien met het werk van de Duitse schilder Matthias Weischer. Deze dialoog  tussen beide kunstenaars wordt deze winter voortgezet, want in januari opent in het Gemeentemuseum eveneens de eerste Nederlandse museale solotentoonstelling van Matthias Weischer.

Publicatie

Bij de tentoonstelling verschijnt een publicatie, geschreven door H. Pijnenburg en conservator Doede Hardeman. Aaron van Erp maakt speciaal voor deze gelegenheid een aantal tekeningen in verschillende formaten die deel zullen maken van de tentoonstelling en in combinatie met het boek verkocht worden. De kleine tekeningen worden verkocht voor € 400, de grote voor € 1.250 per stuk.