Een confrontatie met Paul Thek in drie delen

Laura Stamps
19-11-2012

De laatste tijd voel ik me wat uit mijn lood geslagen. Elke keer als ik mezelf betrap op een zogenaamde ‘uitspraak’, wil ik hem direct weer ongedaan maken. Ik raak nog voor ik mijn zin goed en wel heb uitgesproken, verstrikt in cirkelredeneringen. Zou het tegenovergestelde van mijn bewering de waarheid eigenlijk niet meer raken? Of ligt die er toch altijd tussenin? De waarheid bestaat überhaupt niet. Of toch, subjectief gezien? God, wat een ‘kleinzielige’ overpeinzingen! Sinds het drieluik ‘Zonder Titel’ van Paul Thek uit 1971 onze museumwanden siert en ik er grip op probeer te krijgen, heb ik last van deze wankelmoedigheid.

I.

Om eerlijk te zijn dacht ik op het moment dat ik het werk voor het eerst bekeek nog dat er geen vuiltje aan de lucht was. Misschien was het de illusie van realisme die me op het verkeerde been zette. Een snelle blik leert dat op het meest linker doek een waterval te zien is, die van grote hoogte naar beneden stort. De afbeelding op het middelste doek zou het best omschreven kunnen worden als een grote poel water, een oerbron, van waaruit een wervelwind kersen de wereld in lijkt te slingeren. En op het rechterluik is een vulkanisch landschap te zien en een zee, waar een visser zijn hengel in heeft uitgegooid.

II.

Waneer ik het werk voor de tweede keer ga bekijken heb ik mijn kennis over het oeuvre van Paul Thek nog eens flink opgefrist. De drang om het werk te ‘begrijpen’, neemt het vanaf dat moment over. Kersen die de wereld ingeslingerd worden? Aha, vast een religieuze verwijzing van de katholiek opgevoede kunstenaar Thek. Kersen staan immers symbool voor de aankondiging van de geboorte van Christus*. Dat moet het zijn! Hoewel… die oersoep van waaruit die kersen komen, neigt dat niet meer naar een atheïstische insteek? Of moeten we Thek, die in interviews beweert dat de kersen verwijzen naar het popliedje ‘Life is Just a Bowl of Cherries’, op zijn woord geloven? En bedoelt hij dan letterlijk dat we het leven niet zo serieus moeten nemen of is een ironische interpretatie beter op zijn plek? Het vissertje op het derde luik is trouwens vast Huckleberry Finn. Het bekende romanpersonage dat pas zichzelf kon zijn op een vlot in de Missisippi, los van de Amerikaanse beschaving. Het is bekend dat Thek zich - die zich nergens helemaal thuis voelde behalve in de natuur – een verwantschap zag met deze literaire held. Stop!

 

III.

Net op tijd realiseer ik me de interpretatiejunk in mij op hol geslagen is. Ik maan hem tot rust en besluit voor een derde keer naar het werk te kijken. Kijken zonder meteen alles te willen duiden. Steeds opnieuw, tot ik mezelf in staat stel het drieluik echt te ervaren. Pas dan blijk ik in staat de details eruit te filteren die mij leiden tot de kern van het werk. Ik zie de aanzet tot omlijsting die Thek in de hoeken van het eerste en derde luik maakte. Wanneer je deze met elkaar verbindt ontstaat een oneindige cyclus. Eén die te lezen is als het verhaal van het ontstaan van de wereld en de mensheid, maar die ook slaat op de ontwikkeling van een enkel mens. Het drieluik is boven alles een ode aan de cirkel van het leven. Of die terugkomt in verwijzingen naar religieuze verhalen, de evolutietheorie of de Amerikaanse popcultuur lijkt om het even.

Hoewel…

---

*In Openbaring 1:8 en 21:6 en 22:13 zegt Jezus: “Ik ben de Alfa en de Omega” (Ik ben het begin en het einde).

Voor de verwerving van Paul Theks drieluik heeft het Gemeentemuseum Den Haag steun gekregen van de Vereniging Rembrandt, mede dankzij haar Titus Fonds, het Mondriaan Fonds, het SNS REAAL Fonds, de BankGiro Loterij en de Vriendenvereniging Gemeentemuseum Den Haag.

In no 3 van het Bulletin van de Vereniging Rembrandt is een uitgebreid artikel over Paul Theks drieluik verschenen. 

Ander werk van Paul Thek in de collectie van het Gemeentemuseum Den Haag:
 


Paul Thek, Untitled (The Moon Tooth Chapel Choir), 1971, Potlood en acrylverf op papier, 57 x 84,5 cm.