Mondriaan en het kubisme - Parijs 1912-1914

Jubileumtentoonstelling in het kader van het Mondriaan Jaar

De ambitie van Piet Mondriaan (1872-1944) was grenzeloos. Hij ontwikkelde zich tot één van de grootmeesters van de moderne kunst en legde een vastberaden weg af naar abstractie. Hij vertrok in januari 1912 naar Parijs om het kubisme te bestuderen. Twee jaar later keerde hij terug en toonde zijn nieuwe werk bij kunsthandel Walrecht in Den Haag. Toen werd duidelijk hoe mijlenver Mondriaan in twee jaar tijd verwijderd was geraakt van de Nederlandse kunst. Hij groeide uit tot een groot inspirator voor andere kunstenaars. Precies 100 jaar na de tentoonstelling bij Walrecht brengt het Gemeentemuseum Den Haag deze herinneringstentoonstelling als hommage aan Mondriaan, die in 2014 precies 70 jaar geleden overleed. Naast werk van Mondriaan en zijn Nederlandse tijdgenoten is in de tentoonstelling ook werk te zien van Pablo Picasso, Georges Braque, Henri Le Fauconnier en Fernand Léger, dat in bruikleen is van onder andere het MoMA in New York en de Fondation Beyeler in Basel.

In de Nederlandse kunst uit die tijd kwam het kubisme ook voor, maar dan vooral in een symbolistische variant, of louter als decoratief element. Mondriaan zocht een nieuwe kunst, die voorstellingsloos én betekenisvol was. Hij wilde echt doordringen naar iets ongekends. Hoewel hij uit de traditie van de Haagse School kwam, had hij van jongs af aan veel interesse in de internationale schilderkunst. Een tentoonstelling over kubisme in het Stedelijk Museum opende hem in het najaar van 1911 definitief de ogen. Hij wist dat hij naar Parijs moest om een doorbraak in zijn ontwikkeling te kunnen forceren. Zestien composities die Mondriaan tussen 1912 en 1914 in Parijs produceerde, stelde hij in 1914 tentoon bij galerie Walrecht in Den Haag.

De tentoonstelling biedt de unieke kans om het werk van Mondriaan en andere Nederlandse kunstenaars te vergelijken met het Franse kubisme. In de tentoonstelling is werk van de belangrijkste kubisten te zien die in Parijs hoogtij vierden. Wat opvalt is dat Mondriaan zijn geheel eigen stijl had. Voor Picasso was het kubisme een manier om het publiek én de kunstenaars op de hak te nemen; het kubisme stond al snel voor vernieuwing en avontuur. Mondriaan vat het kubisme veel ernstiger op, als een manier om met behulp van kleur en lijn door te dringen tot de kern van kunst en schoonheid.

Hans Janssen, conservator moderne kunst van het Gemeentemuseum Den Haag en Mondriaan specialist, deed bovendien een belangrijke ontdekking:  Mondriaan koos als uitgangspunt voor de abstracte composities van na 1911 het lijnenspel van oude tekeningen, van een landschap, een portret, bloemstilleven of een bosgezicht. Hij baseerde zijn abstracte composities dus op figuratieve voorstellingen. In de tentoonstelling en bijbehorende publicatie wordt deze nieuwe ontdekking verder ontrafeld.

De tentoonstelling is tot stand gekomen in samenwerking met het MoMA in New York.

Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde publicatie (Uitgeverij Thoth, € 22,50, ISBN 978 90 68 68 64 32)

Mondriaan Jaar

In 2014 is het precies 70 jaar geleden dat Mondriaan in New York overleed. Het Gemeentemuseum Den Haag zal in dit jaar bijzondere aandacht besteden aan Piet Mondriaan, van wie het museum de grootste collectie ter wereld beheert. Het Mondriaan jaar wordt ook internationaal gevierd met een aantal tentoonstellingen, waaronder in het Bucerius Kunstforum in Hamburg (DE), het Turner Contemporary in Margate en Tate Liverpool (UK).

Downloads